Leeropbrengsten en verbetertrajecten
Eindtoets leeropbrengsten:
Schooljaar: 2010-2011: gemiddelde score: 527,33
Schooljaar: 2009-2010: gemiddelde score: 532,3
schooljaar: 2008-2009: gemiddelde score: 531,5
schooljaar: 2007-2008: gemiddelde score: 529,1
Verbetertrajecten Albatros:
De Albatros scoort extreem goed op spelling en is hierin een voorbeeld voor andere scholen.
Begrijpend lezen is nog niet op het gemiddelde, daarom heeft de Albatros er voor gekozen een verbetertraject in te gaan. In schoojaar 2010-2011 heeft de school een nieuwe methode voor begrijpend lezen aangeschaft: "Tussen de regels". In de praktijk blijkt dit een pittige methode te zijn en zijn de resultaten niet verbeterd.
Schooljaar 2010-2011 krijgt het team scholing van Marije Heijdenrijk van Bazalt. Bazalt heeft ons ook begeleid in het werken met coöperatieve werkvormen en meervoudige intelligenties.
Wij hopen handvatten te krijgen van Marije om ons begrijpend leesonderwijs op te krikken.
KABELL:
Alle OPOD-scholen werken met de KABELL-methodiek. Harry Janssen is de auteur en begeleidt ons bij dit traject.
De Kabell is een aanpak die door de Onderwijspraktijk is ontwikkeld om de kwaliteit in het basisonderwijs voor leerlingen en leerkrachten te bevorderen. De ervaring leert dat het werken volgens Kabell een positief effect heeft zowel op de resultaten als op de groepssfeer. Een mooier compliment is niet denkbaar!
Het is belangrijk voor een school om leerkrachten te hebben die competent zijn en zich competent voelen. Dat is wel nodig in een tijd dat van hen wordt verwacht dat ze van alle markten thuis zijn, zowel op didactisch, sociaal-emotioneel als organisatorisch gebied.
Door dit traject op maat en de praktijkgerichte aanpak worden wij op drie niveaus ondersteund bij het oplossen van onderwijsproblemen:
•op het gebied van zorg in de klas;
•de ontwikkelingslijnen door de school heen;
•de organisatie in de klas.
Uitgangspunten Kabell:
•de leerkracht wil zo goed mogelijk lesgeven en wil dat zijn leerlingen in een ontspannen pedagogisch klimaat naar hun mogelijkheden presteren;
•de leerkracht wil de leerlingen die om wat voor reden dan ook in de problemen zijn gekomen zo effectief mogelijk begeleiden;
•de ouders willen het vertrouwen hebben dat hun kind op school in goede handen is zowel op pedagogisch als didactisch gebied;
•de directie verlangt kwaliteit van de leerkrachten. Zij moet zich immers verantwoorden naar de ouders en de inspectie;
•de directie wil de continuïteit op haar school waarborgen voor gewone leerlingen én zorgleerlingen.
In de Kabell wordt een relatie gelegd tussen verschillende aspecten waar basisscholen tegenwoordig mee bezig zijn. Deze elementen zijn in de Kabell allemaal terug te vinden. Door dat systematisch toe te passen weet de leerkracht wat hem te doen staat met zijn groep én met individuele zorgleerlingen.
Die aspecten zijn:
•verdere ontwikkeling naar een adaptieve school met adaptieve leerkrachten, waarbij
duidelijk sprake is van doorgaande lijnen in de school;
•invoeren van competentieprofielen voor leerkrachten;
•het op verantwoorde wijze maken van handelingsplannen door de leerkrachten;
•het maken van groepsplannen door leerkrachten: zij analyseren de eigen groep en van daaruit maken zij een plan op pedagogisch, didactisch en organisatorisch gebied;
•het coachen en begeleiden van leerkrachten door intern begeleiders: collegiale consultatie.